woensdag 4 mei 2016

Ter nagedachtenis aan Jules Schelvis

Ter nagedachtenis aan Jules Schelvis


Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij als 22-jarige in Amsterdam door de Duitse bezetter opgepakt, tegelijk met zijn vrouw Rachel Borzykowski en een groot deel van zijn familie. Behalve zijn zuster en moeder werd zijn hele familie door de nazi's omgebracht. Op 1 juni 1943 werd Schelvis met ruim 3000 andere Joden op transport gezet naar Kamp Westerbork om uiteindelijk naar vernietigingskamp Sobibór te worden gebracht. Hij gaf zich op voor wat hij dacht dat de ordedienst van Sobibór was, maar hij werd tewerk gesteld in Kamp Dorohucza. Zijn vrouw Rachel en haar ouders werden in Sobibór vergast. Schelvis' martelgang door zeven nazikampen duurde twee jaar. In 1945 werd hij in Kamp Vaihingen door Franse troepen bevrijd.

Na zijn pensionering in 1982 besloot Schelvis de hel die hij had meegemaakt te beschrijven. Hij schreef enkele boeken, waaronder Binnen de poorten en Vernietigingskamp Sobibor. In Sobibór, vlak bij de grens met Oekraïne, werden in ruim een jaar tijd ten minste 169.800 mensen, voornamelijk Joden, vermoord. Van hen waren er 34.295 afkomstig uit Nederland. Schelvis was één van de slechts achttien Nederlandse overlevenden. Zijn boek "Binnen de Poorten" werd ook bewerkt tot een theatervoorstelling: in 1995 ter gelegenheid van 50 jaar bevrijding werd dit stuk door zo'n 60 spelers en musici opgevoerd in Geldermalsen, waar Schelvis toen woonde. In 2000 vormde het boek en de eerdere voorstelling de basis voor een solo-voorstelling Binnen de Poorten van verhalenverteller Eric Borrias. Laatstgenoemde werd in 2007 onderscheiden met de Rachel Borzykowski-penning van Stichting Sobibor. Beide voorstellingen werden geschreven en geregisseerd door Gerard Evers, in nauwe samenwerking met Jules Schelvis.

Hij trad in Duitsland als burger-aanklager op tegen kampbeulen en ging lezingen houden, de laatste jaren vooral voor de Duitse jeugd. Hij treedt op als gids in de vroegere kampen en is adviseur bij tal van initiatieven om de Holocaust als waarschuwing in de herinnering te houden. In het proces (vanaf 30 november 2009) tegen de van oorlogsmisdaden verdachte John Demjanjuk, die als kampbewaker van Sobibór verantwoordelijk zou zijn voor het vermoorden van Joodse gevangenen, trad hij op als zogenoemde mede-aanklager (Nebenkläger). Onder andere uit respect voor zijn humanistische ouders vroeg Schelvis op 13 april 2011 aan de rechtbank de schuld van de oeroude man vast te stellen maar hem geen celstraf op te leggen.

Na een waardige afsluiting van het verleden in maart 2015 met zijn presentatie 'Er reed een trein naar Sobibor' hield Jules zich bezig met zijn hobby's: schilderen lezen en hout bewerken.