dinsdag 4 augustus 2015

TOP 10 van de GROOTSTE ZORGPROBLEMEN

Met het overdragen van de zorgtaken van het Rijk naar de gemeenten is 2015 een jaar van belangrijke hervormingen voor de Nederlandse gezondheidszorg. De eerste zes maanden van 2015 staan bol van het zorgnieuws. En de politiek verantwoordelijken? Met uitzondering van 50PLUS wordt die vraag slechts beantwoord met 'wegkijkpolitiek'. De Nationale Zorggids heeft de tien grootste zorgproblemen van 2015 op een rij gezet. 

10. Ouderen vaak bestolen door eigen familieleden
Het gebeurt steeds vaker dat ouderen worden bestolen door familie, ex-schoonfamilie, gezinsleden of nieuwe ‘vrienden’. Hoe ouder de mensen zijn, hoe meer risico ze lopen. Volgens Plus Magazine, dat dit jaar onderzoek deed naar oplichting en diefstal onder ouderen, gaat het landelijk om honderdduizenden ouderen. Sommige van hen worden wekelijks bestolen en dan gaat het om duizenden euro’s die ze kwijt zijn door diefstal.
Zelfs als de dief op heterdaad wordt betrapt en het staat vast op film, dan nog is het lastig om de dief te vervolgen voor zijn of haar daden. Het OM oordeelde in eerdere gevallen van diefstal dat er onvoldoende ondersteunend bewijs is voor de misdaad. Een oplossing voor de problematiek is er nog niet. Zorginstellingen kunnen bij een waarschuwingsregister melden waarom een medewerker is ontslagen, zodat andere instellingen de persoon in kwestie niet aannemen. Het is echter niet verplicht om bij dit register een melding te doen.

9. Duizenden bezwaarschriften huishoudelijke hulp
Door bezuinigingen die gemeenten moeten doorvoeren is er veel discussie gaande over het veranderen of stopzetten van huishoudelijke hulp. Uit een steekproef van Binnenlands Bestuur onder 41 gemeenten bleek dat er al 3000 bezwaarschriften sinds het begin van dit jaar zijn ingediend bij gemeenten. In de wettekst van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 staat namelijk dat zorgvuldig onderzoek gedaan moet worden naar persoonlijke omstandigheden, en in samenspraak met betrokkenen, een individuele afweging moet worden gemaakt over het al dan niet toekennen van huishoudelijke hulp. Niet alle gemeenten houden zich hieraan. Sterker nog, er wordt zelfs beweerd dat gemeenten meer bezuinigen op thuiszorg dan de bedoeling is van het Rijk.
Om de zorgbehoefte in kaart te brengen, voeren gemeenten gesprekken met ouderen die huishoudelijke hulp nodig hebben. Maar ouderen vinden het ‘keukentafelgesprek’ veel te eenzijdig. Vaak zou het gesprek slechts een mededeling zijn dat er bezuinigd gaat worden. Verschillende rechters oordeelden al dat gemeenten de persoonlijke situatie van de gedupeerden beter moeten onderzoeken. Ook waren er gemeenten die de huishoudelijke hulp niet mochten terugschroeven van de rechter. De gezondheid van de inwoners werd namelijk in gevaar gebracht.

8. Hoogleraar in opspraak vanwege belangenverstrengeling in kankeronderzoek
Even was het onzeker of het nieuwe bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker wel in juli 2016 van start zou gaan. De aanbesteding voor een nieuw bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker werd namelijk tijdelijk stilgelegd vanwege vermeende belangenverstrengeling van hoogleraar en klinisch patholoog Chris Meijer van het VUmc. Het nieuwe bevolkingsonderzoek leunde op advies van de Gezondheidsraad in 2011 en dat was gebaseerd op wetenschappelijk werk van Meijer. De hoogleraar bezat aandelen in een bedrijf dat een product voor zelfafname maakte en hij promootte de spuit op congressen. Daar komt bij dat hij mede-eigenaar is van een bedrijf dat twee virustests maakte die de Gezondheidsraad adviseerde. Al deze belangen meldde Meijer niet.
Meijer is inmiddels opgestapt als lid van de Gezondheidsraad. Minister Schippers (Volksgezondheid) wil dat deskundigen die banden hebben met een industrie of belangen hebben bij een onderwerp voortaan niet meer worden betrokken bij een advies van de Gezondheidsraad. Overigens blijft de conclusie van de Gezondheidsraad hetzelfde als de onderzoeksresultaten van Meijer buiten beschouwing worden gelaten. Het nieuwe bevolkingsonderzoek gaat dus per 1 juli 2016 gewoon door.

7. Vraagtekens rond vergoedingen apotheekbereidingen
In maart blijkt dat zorgverzekeraars de vergoeding van 400 geneesmiddelen per direct stop hebben gezet. Het gaat om 400 medicijnen die speciale bereiding in de apotheek vereisen. Volgens Zorgverzekeraars Nederland zijn de medicijnen niet bewezen effectief. Voor sommige patiënten gaat het hier om honderden euro’s per maand en dat zou dus een fikse financiële tegenvaller betekenen. Het gaat veelal om geneesmiddelen voor kwetsbare mensen, zoals kinderen en terminale patiënten die een speciale vorm of dosering nodig hebben.
Onder meer de verzekeraars ONVZ en Menzis vonden dat dit besluit te snel is genomen en besloten de medicijnen in ieder geval tot 1 juni te vergoeden. Minister Schippers vindt ook dat patiënten zijn overvallen door het besluit. “Verzekeraars hebben hun besluit laat en eenzijdig gecommuniceerd”, schreef ze in een brief aan de Tweede Kamer. Na de onrust die er ontstond besloten alle zorgverzekeraars om de medicijnen in ieder geval tot en met 31 mei te vergoeden.
Besloten is dat de patiënten een machtiging nodig hebben om de kosten die ze maken vergoed te krijgen. De voorwaarden voor de machtiging verschillen per verzekeraar. Heeft een patiënt niet de vereiste machtiging, dan moet de patiënt het middel zelf betalen bij de apotheek. Voor een deel van de voorheen vergoede bereidingen is de vergoeding per 1 juni alsnog definitief gestopt.

6. Huisartsen willen het roer om
De Nederlandse huisartsen trekken in april aan de bel over de bureaucratie in de huisartsenzorg. De huisartsen zeggen dat ze dagelijks uren kwijt zijn aan het invullen van onnodige formulieren en willen daarom dat er dringend zaken gaan veranderen. Zij moeten deze papieren invullen van de zorgverzekeraars. Volgens twee op de drie huisartsen zijn patiënten de dupe van het vele papierwerk.
De artsen willen een eind maken aan de machtspositie van de zorgverzekeraars. In april demonstreren zij daarom voor het hoofdkantoor van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en plakken het manifest ‘het roer moet om’ aan de deuren van het kantoor. Daarin staat dat het ‘product-denken’ het zo succesvolle huisartsenmodel sloopt. “Ik moet als een marktkoopman concurreren met mijn collega’s, in plaats van samen te werken. De patiënt is consument op de markt geworden,” aldus een huisarts. Inmiddels hebben bijna 8.000 van de 11.000 Nederlandse huisartsen het manifest getekend. Huisartsen mogen nu niet gezamenlijk contractbesprekingen met zorgverzekeraars voeren, waardoor ze zich niet samen sterker kunnen opstellen.
Schippers, die in juni het manifest van de Landelijke Huisartsen Vereniging kreeg aangeboden, gaat deze zomer om tafel met de betrokken partijen en wil uiterlijk 1 oktober concrete voorstellen op tafel hebben liggen

5. Ziekenhuizen kunnen dure kankermedicijnen niet betalen
Kankerpatiënten hebben het vaak zelf niet door, maar ze krijgen niet altijd de beste behandeling tegen hun (dodelijke) ziekte. Dit komt omdat ziekenhuizen in Nederland niet het geld hebben om dure kankerbehandelingen te betalen, zo zegt Wim van Harten, bestuurslid van het Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis (AVL) in mei. Ziekenhuizen weigeren om de behandelingen uit te voeren en verwijzen naar de gespecialiseerde ziekenhuizen en academische centra, zodat de kosten voor hun rekening komen. Door de doorverwijzing krijgt de patiënt later dan gepland de beste behandeling.
Uit een recent verschenen onderzoek blijkt daarnaast dat er grote ongelijkheid is in de kankerzorg. Patiënten krijgen in het ene ziekenhuis wel een bepaald medicijn aangeboden, maar in het andere niet. Vooral ziekenhuizen in Flevoland en Drenthe geven veel minder geld uit aan kankerzorg dan ziekenhuizen elders in het land. Een werkgroep van KWF Kankerbestrijding wil daarom dat er een aparte pot met geld komt, zodat de uitgaven aan medicijnen niet ten koste gaan van andere uitgaven in het ziekenhuis. Minister Schippers ziet echter niets in dit plan, omdat daardoor de stok achter de deur verdwijnt die nodig is om met de farmaceutische industrie te onderhandelen over de prijzen.

4. Zorgpersoneel in opstand tegen bezuinigingen
Er worden grote bezuinigingen doorgevoerd in de zorg. Vakbonden FNV en CNV Zorg & Welzijn willen dat de bezuinigingen zo spoedig mogelijk stoppen. Daarom zijn zij gestart met de volkspetitie Red de Zorg. In de petitie eisen zij onder andere dat geld voor de zorg aan de zorg besteed moet worden en dat er paal en perk gesteld moet worden aan winsten, bureaucratie en topbeloningen.
De vakbonden zien overal in het land massaontslagen en noemen dit een triest gevolg van het kabinetsbeleid. Ook zien de vakbonden banen verdwijnen, omdat het kabinet wil dat familie en vrienden zorgtaken overnemen. Dat is een zorgwekkende ontwikkeling, aldus de vakbonden, want de zorg moet gedaan worden door vakmensen. TSN Thuiszorg, een grote speler in de markt, gaat dit jaar 650 van de 11.000 vaste medewerkers ontslaan en gaat bovendien de salarissen van 4300 werknemers fors verlagen.
De petitie van CNV Zorg & Welzijn en FNV kon op veel bijval van het volk rekenen. De vakbonden hoopten 300.000 handtekeningen te verzamelen, maar dat is ruimschoots overtroffen want de petitie is door 736.759 mensen ondertekend.

3. Discussie over verwarde mensen
De geestelijke gezondheidszorg (GGZ) komt in de eerste helft van 2015 veel in het nieuws. Er spelen tal van zaken. Zo raken steeds meer GGZ-cliënten in crisis en volgens hulpinstanties krijgen deze mensen niet de hulp die ze nodig hebben. Dit komt onder meer doordat er tussen de 60 en 300 miljoen euro op het GGZ-budget wordt bezuinigd. GGZ-instellingen moeten daarnaast in 2020 een derde van het aantal bedden afgebouwd hebben. Het gevolg is dat verwarde mensen meer overlast geven op straat, onder meer omdat ze niet in een GGZ-instelling terecht kunnen.
Daardoor krijgt de politie vaker te maken met verwarde mensen. Zeventig procent van de verwarde mensen die de politie oppakt belandt in de cel. Er is namelijk geen plek bij GGZ-aanbieders. Ook voorzieningen in de nachtopvang zien meer verwarde mensen aankloppen, terwijl de nachtopvang niet bedoeld ia voor psychische patiënten. GGZ-instellingen hebben een tekort aan plaatsen. Daardoor proberen huisartsen de problemen op te lossen. Doorverwijzen naar de GGZ lukt namelijk nauwelijks en dat vinden de huisartsen een zorgwekkende ontwikkeling. Omdat de problemen dusdanig groot zijn, heeft minister Schippers een plan van aanpak opgesteld om verbetering in de situatie te brengen.
Ondertussen lopen ook in de jeugdpsychiatrie de wachttijden op. Kinderen staan maanden of soms wel een jaar op een wachtlijst voordat ze hulp krijgen. Twee derde van de zorginstellingen verwacht daarnaast dat ook in de tweede helft van dit jaar er wachtlijsten zullen zijn. Volgens hen is de vraag groter dan de door gemeente ingekochte hoeveelheid zorg. GGZ Nederland denkt dat sommige gemeenten nog langere wachtlijsten moeten hanteren, waardoor zelfs opnamestops dreigen. De eerste opnamestop wordt in juli gemeld door GGZ Heuvelrug. De instelling is door haar budget voor jeugdzorg heen en verwacht pas in 2016 weer jongeren te kunnen helpen.
De Nationale Zorggids interviewde Nic Vos de Wael, beleidsmedewerker van Landelijk Platform GGZ, over wat er allemaal aan de hand is in de geestelijke gezondheidszorg. Het interview leest u hier.

2. Decentralisatie leidt tot onrust
Sinds dit jaar is niet het Rijk, maar de gemeente verantwoordelijk voor de zorg van haar inwoners. Bedoeling van de decentralisatie is dat de zorg dichter bij huis wordt geregeld. Daarbij moet de overheveling van de zorgtaken er voor zorgen dat de kosten teruggedrongen worden. Door de enorme operatie maken gemeenten echter torenhoge administratiekosten. Volgens deskundigen gaat het om meer dan 100 miljoen euro.
Kritiek op de decentralisatie komt uit allerlei verschillende hoeken, maar de meest opvallende noodkreet kwam van Kinderombudsman Marc Dullaert. Hij vindt de jeugdzorg na de decentralisatie ‘één grote proeftuin’ en vreest dat kinderen die na 1 januari 2015 voor het eerst hulp nodig hebben niet weten bij wie ze moeten aankloppen en dat daardoor hun hulpvraag niet tijdig in beeld is. Ook het VN-kinderrechtencomitié maakt zich zorgen over de gevolgen van de decentralisatie in de jeugdzorg. In een rapport stelt de VN dat de kwaliteit van de jeugdzorg sinds dit jaar is gedaald.

1. Pgb-ellende
De problemen omtrent het persoonsgebonden budget (pgb) zijn met recht het grootste zorgprobleem van 2015. Sinds dit jaar is de Sociale Verzekeringsbank (SVB) verantwoordelijk voor het uitbetalen van de pgb’s. De overheid besloot het systeem om te gooien, omdat het vorige systeem te fraudegevoelig zou zijn. Pgb-houders kunnen nu de zorg declareren bij de SVB.
De SVB was echter niet goed voorbereid op al het extra werk en kreeg daardoor te maken met zeer veel problemen. Hierdoor kregen duizenden pgb-houders hun geld niet of veel te laat gestort. Het gevolg was dat vele pgb-houders hun vaste lasten niet meer konden betalen en dus in (zware) financiële problemen terecht kwamen. Staatssecretaris Martin van Rijn gaf meerdere keren aan de problemen onder controle te hebben. Ook beloofde hij dat de problemen snel volledig opgelost zouden worden. Dat bleek in de praktijk echter niet zo te zijn. De staatssecretaris van Volksgezondheid moest maar liefst zeven keer in debat met leden van de Tweede Kamer. Er werd zelfs gedacht dat de pgb-chaos Van Rijn tot opstappen zou dwingen. Ondanks de afnemende steun in de Kamer, overleefde Van Rijn echter een motie van wantrouwen.
Omdat de SVB het geld te laat heeft uitbetaald, vechten gedupeerden gezamenlijk voor een schadeclaim. Zij doen dit via de Stichting Pgb Schadeclaim. Inmiddels hebben al zeker 2800 mensen zich bij deze stichting gemeld. Van Rijn heeft aangegeven dat hij verwacht dat het systeem in 2016 goed verloopt.